Nieuwe wet; affectieschade

9 mei 2018

Het is volop in het nieuws geweest: op 10 april jl. heeft de Eerste Kamer unaniem ingestemd met het wetsvoorstel affectieschade. In 2010 werd het eerste wetsvoorstel nog verworpen. Slachtoffers met letselschade hebben in Nederland recht op volledige vergoeding van geleden en in de toekomst nog te lijden schade. Het gaat dan om materiële- (zoals medische kosten, reiskosten, huishoudelijke hulp en verlies van verdienvermogen/gederfde inkomsten) én immateriële schade (zoals pijn, verdriet en gederfde levensvreugde). Immateriële schade wordt gecompenseerd door een smartengeldvergoeding, welke vergoeding in Nederland relatief laag ligt. Partners, kinderen en ouders van slachtoffers hebben in Nederland in principe geen recht op immateriële schadevergoeding wegens het letsel of de dood van een naaste. Bij de vliegramp met MH17 werd weer eens pijnlijk duidelijk dat Nederland op dat punt een vreemde eend in de bijt is. Nagenoeg alle buitenlandse nabestaanden hadden recht op affectieschade, maar de Nederlandse nabestaanden niet. Dit gaat per 1 januari 2019 eindelijk veranderen voor ongevallen en misdrijven vanaf die datum. Uit onderzoek is gebleken dat naasten behoefte hebben aan aandacht voor de emotionele gevolgen van een ongeval, misdrijf of medische fout. Ook vanuit de letselschadepraktijk is jaren gepleit voor een regeling van affectieschade. Natuurlijk neemt de vergoeding van affectieschade het leed (het verdriet) niet weg, maar het biedt wel erkenning en helpt bij de (rouw)verwerking. Volgens  minister Dekker gaat het om: ‘de erkenning van het verdriet van personen van wie het leven volledig op de kop staat door een fout van iemand anders.' Naasten van slachtoffers met ernstig en blijvend letsel krijgen recht op smartengeld variërend van € 12.500 tot € 17.500. Bij overlijden krijgen nabestaanden recht op smartengeld variërend van € 15.000 tot € 20.000. Dit smartengeld wordt in die gevallen ‘affectieschade’ genoemd. Er is gekozen voor een regeling met vaste bedragen, ter voorkoming van procedures over de hoogte van het bedrag en langdurige en pijnlijke discussies over het leed. Met ingang van 1 januari 2019 wordt ook het vorderingsrecht van slachtoffers in verband met de kosten van verzorging, verpleging, begeleiding en huishoudelijke hulp verruimd. Bijvoorbeeld als een naaste zorgtaken ten behoeve van het slachtoffer op zich neemt en zich daardoor genoodzaakt ziet minder te gaan werken, kan het slachtoffer de schade die daarvan het gevolg is als vergoeding vorderen. Wilt u weten waar u recht op heeft? Neem vrijblijvend en kosteloos contact op met ons kantoor, dan helpen wij u verder.


Wat zijn de gevolgen van de nieuwe gemeenschap voor ondernemers?

18 april 2018

Voor iedereen die na 1 januari 2018 in het huwelijksbootje stapt, geldt de nieuwe beperkte gemeenschap van goederen. Dit houdt in dat al het vermogen dat tijdens het huwelijk wordt opgebouwd, gemeenschappelijk is. Het vermogen dat één van de echtgenoten al had bij de huwelijkssluiting wordt niet gemeenschappelijk. Ook erfenissen en schenkingen ( zonder uitsluitingsclausule ) hoeven niet meer te worden gedeeld.    Als u tijdens uw huwelijk een onderneming start, dan valt de onderneming in de gemeenschap van goederen. Dat is niet veranderd. De waarde van uw eenmanszaak, van de aandelen in de bv of van het aandeel in de vof of maatschap moet u ingeval van een echtscheiding bij helfte delen met uw (ex-)echtgeno(o)te. Als u de onderneming al had voordat u in het huwelijk trad, dan blijft deze buiten de gemeenschap en hoeft u de waarde ervan niet te delen. Nieuw is dat bij echtscheiding mogelijk een ‘redelijke’ vergoeding door de onderneming moet worden betaald aan de gemeenschap ( artikel 1:95a BW) als er geld in de onderneming is blijven zitten, tenzij dit geld al niet op een andere wijze aan de echtgenoten ten goede is gekomen. Wat een ‘redelijke’ vergoeding is, geeft de wet niet aan. Dit zal de rechter moeten bepalen. In ieder geval moet u er als ondernemer rekening mee houden dat bij echtscheiding een dergelijke vergoeding van u gevraagd kan worden.   Artikel 1:95a BW geldt ook voor iedereen die vóór 1 januari 2018 in gemeenschap van goederen is getrouwd en bij wie de onderneming buiten de gemeenschap valt, omdat deze is gefinancierd met een schenking of erfenis onder uitsluitingsclausule.  Voorafgaande aan de huwelijkssluiting blijft het voor een ondernemer verstandig om naar de notaris te gaan. Want ook al blijft de onderneming buiten de gemeenschap, bij een echtscheiding kan het zijn dat u toch een vergoeding moet betalen. Hebt u vragen? Neemt u gerust contact met mij op. Marion van den Aker-Grofffen, advocaat en mediator bij Van de Putt Advocaten in Venray (vandenaker@putt.nl of 0478-556672)


 

Afpraak maken

Wij adviseren en ondersteunen u graag bij een juridische kwestie. Neem contact met ons op voor een afspraak via:

  • Telefoonnummer: (+31) (0)478 - 55 66 77
  • E-mail op : info@putt.nl

Nieuws

Bekijk alles


Dinsdag 15 Mei 2018

Welke persoonsgegevens mag uw werkgever verwerken?

Woensdag 9 Mei 2018

Nieuwe wet; affectieschade

Woensdag 18 April 2018

Wat zijn de gevolgen van de nieuwe gemeenschap voor ondernemers?

Woensdag 11 April 2018

Eindelijk smartengeld voor nabestaanden!


LAATSTE TWEETS