Nieuwsarchief: personen- en familierecht


Voor wiens rekening en risico komt de restschuld?

20 maart 2019

Man en vrouw zijn gehuwd en hebben samen een eigen woning met een hypotheek. Ze gaan scheiden en komen in hun echtscheidingsconvenant overeen dat de woning aan de man wordt toebedeeld tegen de getaxeerde waarde van € 310.000,=, onder de verplichting voor de man om de hypotheek volledig voor zijn rekening te nemen en de vrouw te laten ontslaan uit de hoofdelijke aansprakelijkheid voor de hypotheekschuld. Twee maanden na de echtscheiding krijgt de man van de bank te horen dat hij de hypotheek alleen kan overnemen als hij een extra aflossing doet van € 25.000,=. De man besluit het huis toch niet over te nemen en het wordt verkocht en geleverd aan een derde. De hypothecaire restschuld is € 30.000,=  waarvan de man € 25.000,= heeft betaald en de vrouw € 5.000,=.   De vrouw vordert het bedrag van € 5.000,= van de man terug, want de afspraak was dat de man alle lasten zou betalen. De kantonrechter wijst de vordering toe,  maar de man gaat in hoger beroep. Hij vindt dat er sprake is van een andere situatie dan in het convenant is bedoeld. Het Hof overweegt dat partijen in hun convenant enkel een regeling hebben getroffen voor de situatie dat de man de woning zou overnemen. In dat geval zou hij alle lasten van de woning overnemen en zou de vrouw van al haar financiële verplichtingen zijn ontheven. Beide partijen gingen ervan uit dat de man de hypotheek kon overnemen en de man had ook geen financieringsvoorbehoud gemaakt. Het Hof vindt dat de man er niet vanuit mocht gaan dat hij de hypotheek zonder meer kon overnemen. Hij had er rekening mee moeten houden dat de bank aanvullende voorwaarden kon stellen. En hij had dit vóór de ondertekening van het convenant moeten onderzoeken en niet pas er na. Dat de man de woning bij nader inzien niet kon overnemen, komt dus geheel voor zijn eigen rekening en risico. De man moet zich aan de gemaakte afspraken houden en aan de vrouw dus € 5.000 terugbetalen. Deze uitspraak laat het belang van een goed convenant zien. Dat bevat niet alleen de afspraken die u hebt gemaakt, maar geeft ook weer hoe u tot deze afspraken bent gekomen en wat er moet gebeuren als zaken onverhoopt toch anders lopen. Laat u zich hierbij bijstaan door een in het familierecht gespecialiseerde advocaat dan wel advocaat-scheidingsmediator.

Nieuwe regeling voor partneralimentatie

19 december 2018

Het lijkt er nu dan toch op dat er in de Tweede Kamer een meerderheid is voor het wetsvoorstel om de duur van de partneralimentatie te verkorten. De grondslag voor de partneralimentatie is niet gewijzigd. Grondslag blijft de - ook na het huwelijk - voortdurende solidariteit (lotsverbondenheid) die door het huwelijk is ontstaan.  Ook is de manier waarop de partneralimentatie wordt berekend niet gewijzigd. De huidige duur van de partneralimentatie is volgens de wet 12 jaar. Deze termijn geldt zowel voor een huwelijk met kinderen als ook voor een huwelijk zonder kinderen dat langer dan vijf jaar heeft geduurd. Voor een huwelijk zonder kinderen dat korter dan vijf jaar heeft geduurd,  is de alimentatietermijn gelijk aan de duur van het huwelijk. Van deze termijnen kan bij het regelen van de echtscheiding in onderling overleg af worden geweken. De nieuwe beoogde regeling houdt in dat een partneralimentatie geldt voor de duur van vijf jaar. Maar hierop is wel een aantal uitzonderingen geformuleerd. De belangrijkste uitzonderingen op de hoofdregel zijn: Scheidende echtgenoten geboren vóór 1 januari 1970 waarvan het huwelijk langer dan 15 jaar heeft geduurd, hebben recht op 10 jaar partneralimentatie; Het recht op 10 jaar partneralimentatie bestaat ook voor scheidende echtgenoten waarvan het huwelijk 15 jaar of langer heeft geduurd, waarbij de alimentatiegerechtigde binnen 10 jaar na de scheiding de AOW-leeftijd zal bereiken; In het geval van scheidende ouders van kinderen jonger dan 12 jaar zal de alimentatiegerechtigde een aanspraak houden op een partneralimentatie van 12 jaar. Daarnaast is er in schrijnende gevallen de mogelijkheid om een langere termijn dan vijf jaar toe te wijzen (hardheidsclausule). De nieuwe regeling zal van toepassing zijn op echtscheidingsverzoeken die na 1 januari 2020 ingediend worden. Voor de mensen die vóór 1 januari 2020 gaan scheiden verandert er dus niets. Wilt u weten wat u het beste kunt doen met het oog op de nieuwe regeling, dan kunt contact opnemen met Marion van den Aker-Groffen, advocaat en vFAS-scheidingsmediator bij Van der Putt Advocaten in Venray (vandenaker@putt.nl of 0478-556672)

Opzettelijke achterhouden van geld!

29 augustus 2018

Het Hof in Den Bosch heeft onlangs moeten oordelen in het volgende geschil tussen twee ex-echtgenoten, die in gemeenschap van goederen waren gehuwd. De vrouw had in de periode vóór het indienen van het verzoek tot echtscheiding steeds geld overgemaakt van de gezamenlijke spaarrekening naar de en-/of rekening. Hiervan had de vrouw in één jaar tijd totaal ruim € 36.000,= in contanten opgenomen.  De man stelde dat de vrouw het geld opzettelijk had verborgen in de door haar in dezelfde periode gehuurde bankkluis. De vrouw verklaarde dat zij door het verdriet van de naderende echtscheiding geld was gaan uitgeven aan leuke dingen en reisjes en dat het geld op was. Bewijs van haar stellingen kon ze evenwel niet leveren. In de wet is bepaald dat een deelgenoot die opzettelijk tot de gemeenschap behorende goederen verzwijgt, zoek maakt of verbergt met het oogmerk de ander te benadelen, zijn/haar aandeel in die goederen geheel aan de andere deelgenoot moet betalen. Dit is een zware sanctie en daarom worden er hoge eisen gesteld aan de bewijslast. De man diende te bewijzen dat het geld op de peildatum deel uitmaakte van de gemeenschap en dat de vrouw ook wist dat dit zo was.   De vrouw kon geen enkele verklaring geven voor de opname van ruim € 36.000,= in zo’n korte tijd en ze kon ook geen bewijs leveren van de uitgaven die zij naar haar zeggen hiervan had gedaan. Ook kon ze niet uitleggen waarom zij net in die tijd een kluis was gaan huren. Haar uitleg dat ze hierin haar persoonlijke sieraden wilde bewaren, werd niet geloofd. Het gerechtshof kwam tot het oordeel dat de vrouw het geld heeft opgenomen en achtergehouden met de bedoeling om het buiten de verdeling te houden en zo de man te benadelen. De vrouw moest het totale bedrag van ruim € 36.000,= aan de man terugbetalen. De enige die ze dus had benadeeld was zichzelf. 

Wat zijn de gevolgen van de nieuwe gemeenschap voor ondernemers?

18 april 2018

Voor iedereen die na 1 januari 2018 in het huwelijksbootje stapt, geldt de nieuwe beperkte gemeenschap van goederen. Dit houdt in dat al het vermogen dat tijdens het huwelijk wordt opgebouwd, gemeenschappelijk is. Het vermogen dat één van de echtgenoten al had bij de huwelijkssluiting wordt niet gemeenschappelijk. Ook erfenissen en schenkingen ( zonder uitsluitingsclausule ) hoeven niet meer te worden gedeeld.    Als u tijdens uw huwelijk een onderneming start, dan valt de onderneming in de gemeenschap van goederen. Dat is niet veranderd. De waarde van uw eenmanszaak, van de aandelen in de bv of van het aandeel in de vof of maatschap moet u ingeval van een echtscheiding bij helfte delen met uw (ex-)echtgeno(o)te. Als u de onderneming al had voordat u in het huwelijk trad, dan blijft deze buiten de gemeenschap en hoeft u de waarde ervan niet te delen. Nieuw is dat bij echtscheiding mogelijk een ‘redelijke’ vergoeding door de onderneming moet worden betaald aan de gemeenschap ( artikel 1:95a BW) als er geld in de onderneming is blijven zitten, tenzij dit geld al niet op een andere wijze aan de echtgenoten ten goede is gekomen. Wat een ‘redelijke’ vergoeding is, geeft de wet niet aan. Dit zal de rechter moeten bepalen. In ieder geval moet u er als ondernemer rekening mee houden dat bij echtscheiding een dergelijke vergoeding van u gevraagd kan worden.   Artikel 1:95a BW geldt ook voor iedereen die vóór 1 januari 2018 in gemeenschap van goederen is getrouwd en bij wie de onderneming buiten de gemeenschap valt, omdat deze is gefinancierd met een schenking of erfenis onder uitsluitingsclausule.  Voorafgaande aan de huwelijkssluiting blijft het voor een ondernemer verstandig om naar de notaris te gaan. Want ook al blijft de onderneming buiten de gemeenschap, bij een echtscheiding kan het zijn dat u toch een vergoeding moet betalen. Hebt u vragen? Neemt u gerust contact met mij op. Marion van den Aker-Grofffen, advocaat en mediator bij Van de Putt Advocaten in Venray (vandenaker@putt.nl of 0478-556672)

Hoe dwingt u bij de scheiding gemaakte afspraken af?

25 oktober 2017

Nadat de scheiding definitief is, wilt u het liefst uw leven weer op de rit krijgen. Onduidelijkheid of ruzie achteraf: daar zit niemand op te wachten. Het vastleggen van gemaakte afspraken is de enige manier om dat te voorkomen. Executoriale titel is nodig Afspraken uit het echtscheidingsconvenant zijn afdwingbaar als het convenant een zogenoemde executoriale titel heeft. Dit is het originele document dat de deurwaarder of het LBIO ( Landelijk Bureau Inning Onderhoudsbijdragen) nodig heeft om tot tenuitvoerlegging van de afspraken over te kunnen gaan. Bij uw scheiding dient uw advocaat of advocaat/mediator een verzoekschrift tot echtscheiding in bij de rechtbank. Uw advocaat kan de rechter vragen het echtscheidingsconvenant en/of het ouderschapsplan onderdeel uit te laten maken van de beschikking. Het convenant en het ouderschapsplan krijgen dan deze zogenoemde executoriale titel. Dat betekent dat de afspraken direct afdwingbaar zijn. U hoeft dus niet nogmaals naar de rechtbank wanneer uw ex-partner de afspraken niet nakomt. Bijvoorbeeld bij het niet betalen van alimentatie kunt u direct de deurwaarder of het LBIO inschakelen. Onderhandse akte: niet afdwingbaar Mensen die gaan scheiden kunnen natuurlijk ook zelf hun afspraken op papier zetten zonder bemoeienis van een advocaat of een notaris; dat heet dat een “onderhandse akte”. Het nadeel van een onderhandse akte is dat je als partner alsnog een procedure bij de rechtbank moet starten, wanneer de ander de afspraken niet nakomt. Deze afspraken zijn dus niet afdwingbaar. Pas nadat de rechter de afspraken heeft bekrachtigd, leveren deze een executoriale titel op waarmee de deurwaarder nakoming van de afspraken kan afdwingen. Afspraken die ex-partners maken gelden vaak voor een langere toekomstige periode. Daarom is het altijd aan te raden om deze door de rechter te laten bekrachtigen, zodat een executoriale titel wordt verkregen. Dit voorkomt kostbare gerechtelijke procedures in de toekomst.  Hebt u vragen naar aanleiding van het bovenstaande of andere vragen. Neemt u dan contact op.

Hoe om te gaan met hypothecaire schuld na einde relatie.

28 april 2017

Meestal zijn ongehuwd samenwonenden gezamenlijk eigenaar van het huis waarin zij samenwonen. Soms is één van de twee eigenaar van het huis en heeft die ook de hypotheek op de woning afgesloten. Maar soms behoort de woning in eigendom toe aan één partij en hebben de partners tijdens de relatie samen een hypotheek op de woning van de één afgesloten. Voor deze hypotheek zijn beide partijen dan hoofdelijk aansprakelijk, dat wil zeggen de bank kan hen ieder voor het geheel aanspreken. In een recente uitspraak van de rechtbank Overijssel was er sprake van een dergelijke situatie. Toen partijen hun relatie beëindigden, was de vrouw, die de eigenaar was van de woning,  inmiddels arbeidsongeschikt.  Na het einde van de relatie betaalde de vrouw jarenlang netjes de hypotheekrente, maar zij kon vanwege haar lagere inkomen niet de hypotheek aflossen. De bank was niet bereid om de man uit zijn hoofdelijke aansprakelijkheid te ontslaan. Dat betekende dat de man dus al die tijd financieel gebonden was en risico liep dat hij zou worden aangesproken voor het bedrag van de lening en mogelijk ook voor de hypotheekrente als de vrouw onverhoopt niet meer aan haar verplichtingen kon voldoen.  De man vorderde bij de rechtbank dat de vrouw diende mee te werken aan de verkoop van haar woning. De vrouw was het daar niet mee eens. De rechtbank oordeelde dat de situatie uitzichtloos was. De man zou nog jaren hoofdelijk aansprakelijk blijven voor de hypotheek op de woning van de vrouw, waarvan hij geen mede-eigenaar was en waarvan hij geen gebruiksgenot had. Dat vond de rechtbank niet redelijk noch billijk en onaanvaardbaar voor de man. De rechtbank bepaalde dat het huis moest worden verkocht.       Hebt u vragen naar aanleiding van het bovenstaande of andere vragen. Neemt u dan contact op.

Geen huwelijk en toch een algehele economische gemeenschap?

17 juni 2016

Dat het voeren van een deugdelijke administratie voor ongehuwd samenwonende partners erg belangrijk is, blijkt uit een recente uitspraak van het Gerechtshof in Den Haag.   Het ging om een ongehuwd  samenwonend stel dat bij de notaris een samenlevingsovereenkomst  had gesloten. Op enig moment hebben zij hun privé-bankrekeningen opgeheven en hebben zij hun inkomsten en uitgaven via hun en/of-rekeningen laten stromen. Zij houden geen administratie bij. Aan het einde van hun relatie  twisten zij over de financiële afwikkeling van hun vermogen.   Beide partijen hadden bij aanvang van hun samenwoning vermogen en ze hadden ieder inkomsten. De inkomsten storten zij ieder op een gemeenschappelijke bankrekening en daarmee financieren zij  de aanschaf van diverse goederen. Aan het einde van de relatie is niet meer na te gaan met wiens geld een goed is aangeschaft en ook niet aan wie dat goed nu precies is geleverd.    De rechtbank en het gerechtshof leiden uit de feitelijke gang van zaken af dat partijen stilzwijgend hebben afgesproken dat al hun bezittingen aan hun beiden toebehoren, ieder voor de helft. Dat wijkt af van hetgeen zij in hun samenlevingsovereenkomst hebben afgesproken.   Volgens de rechter hebben partijen hun eigendommen in economische zin gezien als gemeenschappelijk. In ieder geval hebben zij zich als zodanig gedragen. En in hun samenlevingsovereenkomst hebben zij voorts nog bepaald dat, als geen van beiden kan bewijzen van wie een goed is, het aan hun beiden in gezamenlijke eigendom toebehoort.    Als de samenwoners hun vermogens gescheiden hadden willen houden, dan hadden zij: 1. ieder hun eigen bankrekening moeten houden, 2. de door ieder verworven goederen deugdelijk moeten administreren, 3. de geldstromen moeten vastleggen,  4. eventuele schenkingen moeten vastleggen.   Hebt u vragen en/of wilt u nadere informatie? U kunt bij ons terecht. 

De uitsluitingsclausule: schenken, erven en scheiden

11 mei 2015

De tijdens het huwelijk van ouders ontvangen schenkingen en erfenissen leiden vaak tot discussie bij de echtscheiding. Het gaat dan over de vraag wat onder de uitsluitingsclausule valt, of een vergoedingsaanspraak bestaat als het bedrag is opgegaan in de huishouding en hoe groot de vergoedingsaanspraak is als het uitgesloten bedrag in een gemeenschappelijk goed is geïnvesteerd.   Belangrijke tekst Uit de rechtspraak wordt duidelijk dat de tekst van de uitsluitingsclausule van groot belang is. Bijvoorbeeld als een ouder zijn huis verkoopt aan een kind, de koopprijs wordt omgezet in een geldlening en die geldlening wordt kwijtgescholden. Dan dient ook de schenking (= kwijtschelding) te worden voorzien van een uitsluitingsclausule.   Extra uitgaven Over schenkingen die zijn verbruikt in de huishouding wordt in de rechtspraak verschillend gedacht. Er wordt gekeken naar wat redelijk en billijk is in de omstandigheden van het geval. Als er met het geschonken geld extra uitgaven zijn gedaan die men niet had gedaan als de schenking niet was ontvangen, zoals voor een dure reis, dan hoeft het bedrag niet te worden terugbetaald. Uitgesloten schenkingen of erfenissen die aantoonbaar zijn geïnvesteerd in bijvoorbeeld een gemeenschappelijk huis, moeten worden terugbetaald.   Afwijken mag Voor alle ontvangen schenkingen en erfenissen tot 1 januari 2012 geldt dat het bedrag nominaal moet worden terugbetaald, dus zonder rente. Voor schenkingen en erfenissen die na 1 januari 2012 zijn ontvangen, geldt als hoofdregel dat ook de waardeontwikkeling van belang is, maar hierop zijn weer uitzonderingen mogelijk, afhankelijk van de aard van het geschonken goed. De wettelijke regeling is niet dwingend, zodat bij de echtscheiding wel de vrijheid bestaat om hiervan af te wijken.   Gratis spreekuur Hebt u vragen? U bent van harte welkom op ons gratis spreekuur op maandag van 12.00 tot 14.00 uur.

Dag van de Scheiding

5 september 2014

Eén op de drie getrouwde stellen scheidt op den duur. Voor de vereniging voor Familierecht Advocaten en Scheidingsmediators (vFAS) was dit aanleiding om een speciale dag in het leven te roepen waarop landelijk aandacht wordt gevraagd voor het belang van deskundige begeleiding bij scheidingen: de 'Dag van de Scheiding'. Het doel van de dag is het verbeteren van het proces rondom echtscheidingen, zodat vechtscheidingen worden voorkomen.   Mediation of procedure Een echtscheiding meemaken is een ingrijpende gebeurtenis voor zowel de (ex-)partners als voor de betrokken kinderen. De begeleiding van een deskundige en gespecialiseerde scheidingsmediator zorgt ervoor dat (ex-)partners zorgvuldig en respectvol uit elkaar gaan. Als mediation niet mogelijk is, zorgt de gespecialiseerde familierechtadvocaat voor deskundige bijstand in de procedure.   Ouderschapsplan De vFAS zet zich in voor de bij de scheiding betrokken kinderen. Het is van belang dat kinderen meer zeggenschap krijgen. vFAS scheidingsmediators zijn getraind om gesprekken met kinderen te voeren. Het helpt scheidende ouders bij het nemen van beslissingen over de kinderen om te weten hoe het kind het ervaart. Voor het tot stand brengen van een goed ouderschapsplan door de ouders is het belangrijk om ook de wensen van de kinderen te kennen.   Scheidingscheck Ons kantoor is op 12 september a.s. de gehele dag geopend voor publiek. U kunt vrijblijvend vragen stellen aan gespecialiseerde familierechtadvocaten en scheidingsmediators over scheiding, alimentatie, ouderschapsplan, etc. Ook kunt u langskomen voor een "scheidingscheck". Wij bekijken samen met u of u de juiste keuzes maakt in uw situatie, zodat u een beter inzicht krijgt in de gevolgen van bepaalde beslissingen die u neemt. Bent u op 12 september a.s. verhinderd, dan bent u welkom op het spreekuur elke maandag van 12.00 uur tot 14.00 uur. Ook kunt u altijd met ons bellen voor telefonische informatie.

Uitzending gemist?

19 juni 2014

  John van den Heuvel heeft recentelijk de nodige media-aandacht gekregen voor zijn programma "Ontvoerd", een programma over internationale kinderontvoering. In april 2014 zijn er namelijk 2 kort gedingen aangespannen om een verbod op 2 verschillende uitzendingen af te dwingen. Een dergelijk verzoek kan de rechter toewijzen als het recht op bescherming van de persoonlijke levenssfeer (van de bij de uitzending betrokken personen) zwaarder weegt dan het recht van vrijheid van meningsuiting/persvrijheid. De rechter wees beide verzoeken af en RTL kon de afleveringen volgens plan uitzenden.   In de aflevering van 20 april jl. ging het om de 7-jarige Nishayad Nabi. Hij was met zijn moeder langere tijd op bezoek bij zijn grootouders in Suriname. In augustus 2010 overleed zijn moeder plotseling en bleek de in Nederland verblijvende vader géén ouderlijk gezag te hebben. Vader kon hierdoor Nishayad niet naar Nederland halen. Bovendien wilden de grootouders dat Nishayad bij hen in Suriname bleef.   Een lange juridische strijd in zowel Nederland als Suriname volgde. In januari 2011 kreeg vader ouderlijk gezag van de Nederlandse rechter. De grootouders gingen echter in hoger beroep bij het gerechtshof. Na het hoger beroep volgde in februari 2012 cassatie bij de Hoge Raad, waarna de zaak in mei 2013 werd verwezen naar een ander gerechtshof. Voor vader had het allemaal lang genoeg geduurd. Hij nam contact op met John van den Heuvel op 4 oktober 2013 werd Nishayad onder het oog van de camera vanaf het schoolplein in Paramaribo "ontvoerd" naar Nederland.   De rechter in kort geding oordeelde 2 weken later dat Nishayad weer naar zijn grootouders terug moest, in ieder geval zolang het gerechtshof nog geen eindbeslissing had genomen. Dat het voor vader moeilijk te accepteren was dat zijn zoon zo ver weg woonde en door zijn grootouders werd opgevoed, gaf hem volgens de rechter niet het recht om zijn zoon abrupt uit zijn vertrouwde omgeving weg te halen. Nisyahad ging dus terug naar zijn grootouders.   Vorige maand heeft het gerechtshof alsnog bepaald dat vader als overlevende ouder de geschikte persoon is om met het gezag over Nishayad te worden belast, hem te verzorgen en op te voeden. Het hof was het overigens met de rechter in kort geding eens dat vader onjuist heeft gehandeld door Nishayad plotseling en onvoorbereid vanuit Suriname naar het voor Nishayad onbekende Nederland over te brengen, terwijl nog niet alle juridische procedures waren afgerond. De grootouders noemden dit handelen van vader verwaarlozing. Zo ver wilde het hof in deze zaak net niet gaan. De conclusie is dat Nishayad na bijna 4 jaar onzekerheid alsnog bij zijn vader mag wonen. Als vader vóór het overlijden van moeder al ouderlijk gezag had gehad, had deze lange strijd bespaard kunnen blijven.  

Mediation ter voorkoming van een vechtscheiding

18 april 2014

Niemand die gaat scheiden, wil dat die scheiding een "vechtscheiding" wordt. Hoe komt het dan toch dat jaarlijks ongeveer 3.500 kinderen in Nederland in de knel komen te zitten dankzij een vechtscheiding? Naar schatting ondervinden zelfs 16.000 kinderen ernstig hinder hiervan. Van een "vechtscheiding" is sprake als ex-partners niet meer op een normale wijze met elkaar communiceren, vaak bewust bezig zijn om de ander te kwetsen of te beschadigen en een strijd voeren om de kinderen. Onlangs heeft de Kinderombudsman het ‘Adviesrapport vechtscheidingen’ gepresenteerd, waaruit blijkt dat als ouders erin slagen om met elkaar in gesprek te blijven tijdens de scheiding en in een vroeg stadium tot afspraken komen, schade bij kinderen wordt voorkomen. Niet de scheiding veroorzaakt de schade veroorzaakt, maar de conflicten die erdoor ontstaan en die na de scheiding aanhouden. Uit onderzoek blijkt dat kinderen die langdurige en herhaaldelijke conflicten tussen hun ouders meemaken, een verhoogde kans hebben op problemen, zoals delinquentie, agressief gedrag, depressieve gevoelens, een laag zelfbeeld en problemen op school. De Kinderombudsman heeft in zijn rapport de overheid aanbevolen om mediation voor scheidende ouders wettelijk verplicht te stellen, omdat het volgens hem nodig is dat ouders samen onder begeleiding van een onafhankelijke, neutrale en deskundige mediator op zoek gaan naar oplossingen. Zij bepalen vervolgens zelf wat voor hen de beste oplossing is en niet de rechter. De bij de vereniging van Familierechtadvocaten en Scheidingsmediators (vFAS) aangesloten advocaten zijn gespecialiseerd in het echtscheidingsrecht en zijn tevens opgeleid als familie-mediator. Naast kennis op het relationele en emotionele gebied en het gebied van kinderen beschikken zij over de benodigde actuele juridische kennis om de echtscheiding in goede banen te leiden en u te begeleiden met betrekking tot afspraken over de alimentatie, de afwikkeling huwelijkse voorwaarden, pensioenverevening, het ouderschapsplan, de verdeling van vermogen en schulden en de boedel. Omdat zij advocaat zijn, kunnen zij ook de echtscheidingsprocedure bij de rechtbank zelf voeren. Kiest u voor mediation door een deskundige advocaat-scheidingsmediatior, die u op alle terreinen van de scheiding kan bijstaan en maatwerk levert voor uw situatie, dan wordt een vechtscheiding voorkomen. Wilt u meer weten, dan bent u welkom op ons inloopspreekuur op maandagmiddag tussen 12.00 en 14.00 uur of neemt u contact op voor een kosteloos kennismakingsgesprek.

Partneralimentatie en de nieuwe relatie

17 februari 2014

Partneralimentatie is gebaseerd op de lotsverbondenheid die partijen door het huwelijk in het leven hebben geroepen. Aan deze lotsverbondenheid komt een einde door 1. tijdsverloop na het huwelijk, 2. ernstig grievend gedrag van de onderhoudsgerechtigde of 3. het ontstaan van een nieuwe lotsverbondenheid doordat de onderhoudsgerechtigde met een nieuwe partner gaat samenwonen, hertrouwen of een geregistreerd partnerschap aangaat. Van samenwoning is sprake als een levensgemeenschap wordt gevormd die het kenmerk heeft van een normaal huwelijk. Het moet gaan om een affectieve relatie, die duurzaam van aard is en die met zich meebrengt dat de gescheiden echtgenoot en de nieuwe partner elkaar wederzijds verzorgen, met elkaar samenwonen en een gemeenschappelijke huishouding voeren. Omdat het wegvallen van de partneralimentatie nogal ingrijpend is, dient de rechter voorzichtig te zijn bij het nemen van beslissingen hierover. Het Gerechtshof in Arnhem oordeelde onlangs dat het aanhouden van twee woningen er niet per definitie op duidt dat er geen sprake is van samenwoning. Maar er moet dan wel worden aangetoond dat het zwaartepunt van het verblijf in één van de twee woningen ligt dan wel dat de betrokkenen het grootste deel van de tijd bij elkaar doorbrengen, wisselend in de ene en de andere woning. Het Hof vond dat het rapport van de privé-detective in dit geval hiervoor geen bewijs leverde. Uit het rapport bleek alleen dat de vrouw en haar partner elkaar in de weekenden zagen en soms door de week. Volgens het Hof was dit onvoldoende om aan te nemen dat er sprake was van samenwoning. De alimentatieverplichting van de man bleef dus in stand. Wilt u stoppen met het betalen van alimentatie aan uw ex-partner? Houd er dan rekening mee dat de rechter een goed onderbouwd verhaal verlangt. Stopt uw ex-partner juist met het betalen van alimentatie? Besef dan dat u uw rechten niet zomaar verspeelt. Aan welke kant u ook staat, het is altijd verstandig om juridisch advies in te winnen als bestaande afspraken ter discussie komen te staan.

Partneralimentatie en de nieuwe relatie

6 december 2013

Bij of na een echtscheiding kan de rechter alimentatie toekennen aan één van de echtgenoten. Op het moment dat de ontvanger hertrouwt, vervalt de alimentatieplicht van de betaler automatisch helemaal. Strandt vervolgens ook dit tweede huwelijk, dan herleeft de eerste alimentatieplicht niet meer. De ontvanger kan deze consequentie niet ontlopen door de relatie met de nieuwe partner nooit formeel tot huwelijk te verheffen. Een alimentatieplicht vervalt namelijk ook zodra de ontvanger met iemand anders samenwoont ‘als ware zij gehuwd’. De rechter loopt in dit kader na of sprake is van 1) een affectieve relatie 2) van duurzame aard, die 3) meebrengt dat zij elkaar wederzijds verzorgen, 4) met elkaar samenwonen én 5) een gemeenschappelijke huishouding voeren. Is aan deze voorwaarden voldaan, dan past een onderhoudsbijdrage van de vorige partner daar niet meer in. Het is natuurlijk nogal ingrijpend als de alimentatie plots helemaal wegvalt. Daarom moet de rechter hier voorzichtig zijn. Onlangs bevestigde de Hoge Raad dat nog maar eens. In die zaak stelde de man dat zijn ex-vrouw al tijdens hun huwelijk was bevallen van andermans kind, inmiddels samenwoonde met een nieuwe man en bovendien contact onderhield met diens ouders. De vrouw weersprak die beweringen niet of nauwelijks. Het hof nam daarom aan dat de nieuwe partners samenwoonden ‘als ware zij gehuwd’ en droeg de vrouw op het tegendeel te bewijzen. Dat gaat de Hoge Raad echter te snel. Het hof had naast het ‘kale’ samenwonen ook moeten vaststellen dat zij elkaar verzorgen en samen een huishouding voeren. Het probleem is wel dat die strenge juridische voorwaarden feitelijk bewijs vragen, dat vanwege het privékarakter vaak lastig te verzamelen zal zijn. Wilt u stoppen met het betalen van alimentatie aan uw ex-partner? Houd er dan rekening mee dat de rechter een goed onderbouwd verhaal verlangt. Stopt uw ex-partner juist met het betalen van alimentatie? Besef dan dat u uw rechten niet zomaar verspeelt. Aan welke kant u ook staat, het is altijd verstandig om juridisch advies in te winnen als bestaande afspraken ter discussie komen te staan.

Verhuizing met kinderen na scheiding

21 augustus 2013

Ouders oefenen ook na echtscheiding het ouderlijk gezag over hun minderjarige kinderenuit. Een verhuizing van de verzorgende ouder heeft grote gevolgen voor de omgangtussen de kinderen en de andere ouder. In het ouderschapsplan spreken ouders afdat zij bij een voorgenomen verhuizing vooraf met elkaar overleggen. Als oudershet niet eens worden, kunnen zij de rechter vragen om te beslissen.     Een moeder, die zonder toestemming van de vader met de kinderen 45 km verderop wasgaan wonen,  moest van de rechter terugverhuizen. Door de verhuizing was een behoorlijk en gelijkwaardig overlegtussen de ouders  over de kinderen nietmeer mogelijk. Dat de vrouw extra kosten moest maken om weer terug teverhuizen, kwam voor haar eigen rekening en risico.   Het oordeel van de rechter  hangt af van deomstandigheden van het geval. Een moeder die naar Engeland was verhuisd en daareen woning, een baan en een school voor de kinderen had, mocht van de rechtbankblijven wonen, ondanks de bezwaren van de vader. Het Gerechtshof in hogerberoep vond dat moeder wel  terug moest verhuizen.Dat moeder in Nederland haar huis en baan had opgezegd, vond het Hof geen redenom anders te beslissen.     Een andere belangenafweging werd gemaakt in het geval van een moeder die naarZwitserland wilde verhuizen om daar te gaan samenwonen met haar nieuwe Zwitsersepartner, van wie zij zwanger was. Door de verhuizing hield de co-ouderschapsregelingin Nederland op. De rechter overwoog dat het belang van de moeder c.q. kind omin Zwitserland een gezin te kunnen vormen,  zwaarder woog dan het belang van de vader. Hierspeelde mee dat moeder een uitgebreide omgangsregeling in de vakanties hadvoorgesteld en dat het niet mogelijk was dat de partner van moeder in Nederlandkwam wonen omdat hij een eigen bedrijf in Zwitserland had.       Hebt u plannen om te verhuizen en wilt u weten wat dit voor gevolgen kan hebben vooruw zorgregeling, dan kunt u zich wenden tot Mr. M.J.L. van den Aker-Groffen vanVan der Putt Advocaten (vandenaker@putt.nl  of 0478-556672).

Vechtscheiding of echtscheiding?

7 juni 2013

Van echtscheiding naar vechtscheiding: het scheelt maar één letter maar het maakt een groot verschil voor betrokkenen, met name voor kinderen. Het toenemend aantal vechtscheidingen in Nederland is zorgwekkend. In 81% van de scheidingsgevallen wordt een ouderschapsplan opgesteld en is het gelukkig niet nodig om de rechter een oordeel te laten vormen. De overgebleven 19% bestaat uit scheidingen die vaak wél ellendig verlopen. Wanneer een zaak voor de rechter komt, worden Bureau Jeugdzorg en de Raad voor de Kinderbescherming hier vaak bij betrokken. Deze instanties hebben te kampen met doorlooptijden en tekort aan personeel. De juiste zorg is dan niet altijd mogelijk. Het verhaal van de vermoorde broertjes Ruben en Julian houdt de gemoederen nog steeds bezig. Met name de verhalen in de media dat meer dan tien hulpverleners en instanties zich met dit gezin beziggehouden hebben na de problematische echtscheiding in 2008, hebben tot de nodige vragen en discussies geleid. De Inspectie Jeugdzorg is inmiddels een onderzoek gestart naar de gang van zaken rondom de hulpverlening. Het recente gezinsdrama heeft ook weer de aandacht gevestigd op de Kinderombudsman (www.kinderombudsman.nl) die sinds 1 april 2011 opkomt voor de rechten en belangen van kinderen. In juli 2012 heeft de Kinderombudsman in zijn rapport "De Bijzondere curator, een lot uit de loterij" gepleit om bij vechtscheidingen een bijzonder curator door de rechter te laten benoemen. Deze curator bekommert zich vervolgens alleen om het belang van kinderen en geeft kinderen in de procedure een stem bij beslissingen die over hen gaan. Tot op heden wordt bij vechtscheidingen nagenoeg geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een bijzonder curator in de procedure te betrekken. Dit komt onder meer door gebrek aan kennis bij kinderen, ouders, hulpverleners, advocaten en zelfs rechters. De Kinderombudsman is daarom al enkele maanden in gesprek met meerdere partijen over (het vergroten van) de rol van een bijzonder curator, ook bij vechtscheidingen. Ik hoop dat het recente gezinsdrama aanleiding is om voortaan eerder een bijzonder curator te benoemen zodat het belang van kinderen gewaarborgd kan worden. Voor vragen en/of opmerkingen kunt u mij mailen (verrijdt@putt.nl) of bellen (0478 - 55 66 73).   Kristel Verrijdt

Nieuwe rekenmethode kinderalimentatie

18 april 2013

Vanaf 1 april 2013 gelden nieuwe regels voor de berekening van kinderalimentatie. De uitgangspunten blijven behoefte en draagkracht. Uitgangspunt voor het berekenen van de behoefte aan kinderalimentatie is - net als tot 1 april 2013 - het netto gezinsinkomen van de ouders op het moment dat zij uit elkaar gaan. Als op dat moment een kind gebonden budget wordt ontvangen, dan wordt dit bij het gezinsinkomen opgeteld. Aan de hand van dit inkomen wordt met behulp van de NIBUD tabellen vastgesteld wat de kosten van de kinderen bedragen. Hierop komt in mindering het kind gebonden budget dat de ouder bij wie het kind ingeschreven staat na de scheiding ontvangt. Het bedrag dat dan resteert is de behoefte van het kind. Op de behoefte wordt een zorgkorting toegepast in verband met de omgangsregeling. Deze zorgkorting varieert van 15 % bij een veertiendaagse weekendregeling tot 35 % bij een vrijwel gelijke verdeling van de zorgtaken. De zorgkorting wordt alleen toegepast als de ouders samen genoeg draagkracht hebben om in de volledige behoefte van de kinderen te voorzien. Is dat niet het geval, dan wordt er geen zorgkorting toegepast. Vervolgens wordt de draagkracht van ouders berekend. Tot 1 april 2013 werd de draagkracht van de ouders berekend aan de hand van de inkomsten en de lasten van ieder ouder. Vanaf 1 april 2013 is alleen nog maar het inkomen van de ouders van belang en wordt de draagkracht bepaald aan de hand van draagkrachttabellen. De lasten zijn dus niet meer relevant.  Als de uitkomst van de tabel in bepaalde omstandigheden onredelijk is, is het mogelijk een beroep te doen op de aanvaardbaarheidstoets. De ouder die toetsing wenst, dient aan te tonen dat de uitkomst in zijn/haar specifieke geval onredelijk is. Het zal nog uit de jurisprudentie moeten blijken hoe de rechters hier in de praktijk mee om zullen gaan.  Wilt u weten of de nieuwe regeling voor u gevolgen heeft, dan kunt u zich wenden tot Mr. M.J.L. van den Aker-Groffen van Van der Putt Advocaten (vandenaker@putt.nl  of  0478-556672).  

Aan alle gescheiden ouders van Nederland

7 november 2012

“Met deze brief willen wij jullie laten weten hoe wij ons voelen. ‘Wij’ zijn de 70.000 kinderen per jaar die op een dag te horen krijgen dat hun ouders uit elkaar gaan. Op die dag stort onze wereld in. Alles wat veilig en vertrouwd was wordt ineens anders. Veel van ons moeten verhuizen, naar een andere school, wennen aan jullie nieuwe liefdes en in het ergste geval 1 van de ouders heel erg missen. En dat doet pijn. Wij willen ZÓ graag allebei onze ouders in ons leven. Twee ouders die van ons houden en ons groot zien worden. Twee ouders die staan te juichen langs de lijn, trots zijn als we goeie cijfers halen en alles willen weten over ons eerste gebroken hart. Die samen op de eerste rij zitten als we examen doen en liefdevol hun eerste kleinkind vasthouden. Weten jullie wel hoeveel verdriet we soms stiekem hebben? Als we de boodschapper moeten zijn. Als we moeten luisteren naar de gemene dingen die jullie over elkaar zeggen. Als we zien dat jullie elkaar negeren waar we bij zijn. Weten jullie wel hoe moeilijk het is om van jullie allebei te houden, terwijl dat soms van 1 van jullie niet mag? Dat we dan maar niks zeggen over hoe leuk het weekend was? We voelen ons verscheurd tussen twee mensen waar we zoveel van houden. We voelen ons schuldig als we het leuk hebben bij de ander. We voelen ons verantwoordelijk voor jullie geluk. Meestal zijn jullie zelf na een tijdje weer gelukkiger. Maar voor ons is dat vaak niet zo makkelijk. Sommigen van ons houden er de rest van hun leven last van. Dus mogen we jullie een paar dingen vragen? • Laat ons alsjeblieft geen kant kiezen• Maak geen ruzie waar we bij zijn• Zeg geen slechte dingen over elkaar tegen ons• Geef ons de tijd om te wennen aan de nieuwe situatie• Luister echt naar wat we te zeggen hebben• Geef ons de ruimte om van jullie allebei te houden• Vergeet niet niet dat jullie samen voor ons hebben gekozen. Een scheiding voelt als een veilig huis dat ineens helemaal verbouwd wordt. Muren eruit, nieuwe vloerbedekking, ander behang. Eerst is het 1 grote puinhoop en dan komt er heel langzaam iets moois tevoorschijn. Laat ons rustig mee verven en vraag ons wat we van het uitzicht vinden. Zo bouwen we met jullie samen aan een nieuw huis. Met hier en daar een barst of een kapotte dakpan. Maar wel warm, veilig en stevig. Een plek waar wij ons weer THUIS voelen. De sleutel hebben jullie net gekregen.” De bovenstaande wake-up call is afkomstig van Villa Pinedo (www.villapinedo.nl). Deze jongerenorganisatie door en voor  jongeren wil ouders duidelijk maken wat een scheiding met kinderen kan doen. Om de negatieve gevolgen zoveel mogelijk te beperken is het belangrijk dat er tijdens de echtscheidingsprocedure naar kinderen wordt geluisterd en dat ze écht worden betrokken bij het ouderschapsplan. In sommige gevallen willen kinderen zelf met de advocaat van ouders spreken. Voor vragen en/of opmerkingen kunt u mij mailen(verrijdt@putt.nl) of bellen (0478-556673).mr. Kristel Verrijdt

De rechtspositie van een minderjarige

17 september 2012

Wat zijn de mogelijkheden van een minderjarige om contact te hebben met de rechter in zaken die hem of haar aangaan? In de wet is bepaald dat minderjarigen onder ouderlijk gezag staan en dat zij dus niet bekwaam zijn om zelf handelingen in en buiten rechte te verrichten. De minderjarige kan dus niet in een procedure zelfstandig optreden, maar moet worden vertegenwoordigd door diens wettelijk vertegenwoordiger. Hierop zijn in de wet wel uitzonderingen gemaakt, o.a. eenminderjarige van 12 jaar en ouder kan in een procedure in verband met gesloten jeugdzorg zelf in rechte optreden. Als de ouders van een minderjarige niet bereid zijn om hem/haar in rechte te vertegenwoordigen, biedt de wet de minderjarige toch de mogelijkheid om in rechte voor zijn/haar belangen op te komen. De rechter kan bijvoorbeeld een bijzondere curator benoemen ingeval van een wezenlijk belangenconflict over de verzorging en opvoeding van de minderjarige tussen de ouder/voogd en de minderjarige. De rechter kan de bijzonder curator uit zichzelf benoemen of op verzoek van de minderjarige. In afstammingszaken benoemt de rechter altijd uit zichzelf een bijzonder curator die het minderjarige kind vertegenwoordigt. De ouders vertegenwoordigen de minderjarige in afstammingszaken dan ook nooit. De minderjarige kan ook zelf naar de rechter gaan in zaken waar het gaat om voortzetting van het ouderlijk gezag na scheiding, de verblijfplaats of de omgangsregeling. In de wet is een dergelijke informele rechtsingang voor een minderjarige mogelijk gemaakt. Het moet gaan om een minderjarige van 12 jaar en ouder dan wel een minderjarige die jonger is dan 12 jaar, maar in staat kan worden geacht tot een redelijke waardering van zijn/haar belangen ter zake. De minderjarige kan de rechtbank zelf schrijven of bellen en zal naar aanleiding hiervan doorgaans worden uitgenodigd voor een gesprek met de rechter. Deze kanvervolgens een zitting bepalen, waarbij ook de Raad voor de Kinderbescherming wordt uitgenodigd. In het geval er sprake is van tegenstrijdige belangen tussen de minderjarige en de ouders zal de rechtbank een bijzonder curator benoemen. Is er geen tegenstrijdig belang dan vertegenwoordigen de ouders de minderjarige. Minderjarigen hebben een hoorrecht in zaken betreffende ouderlijke verantwoordelijkheden. Minderjarigen van 12 jaar en ouder moeten in de gelegenheid gesteld worden om hun mening kenbaar te maken. Ook minderjarigen jonger dan 12 jaar, die in staat zijn tot een redelijke waardering van zijn/haar belangen, kunnen worden gehoord. Als het gaat om alimentatie ligt de leeftijdsgrens op 16 jaar. De rechter is niet verplicht om te horen, maar moet de minderjarigen schriftelijk uitnodigen om  zijn/haar mening kenbaar te maken. Dat kan in een gesprek of per brief. Minderjarigen hebben altijd het recht op inzage en afschrift van bescheiden die de Raad voor de Kinderbescherming/het Openbaar Ministerie of een deskundige over hem/haar in de procedure heeft ingebracht, tenzij de rechter is gebleken dat de minderjarige niet in staat is tot een redelijke waardering van zijn/haar belangen. Wilt u meer weten, dan kunt u zich wenden tot Mr. M.J.L. van den Aker-Groffen van Van der Putt Advocaten(vandenaker@putt.nl of 0478-556672).

Pensioen na echtscheiding

7 maart 2012

Of u nu in gemeenschap van goederen of op huwelijkse voorwaarden bent gehuwd, de tijdens het huwelijk opgebouwde pensioenaanspraken dienen bij de echtscheiding te worden verdeeld. Voor alle echtscheidingen vanaf 1 mei 1995 is dit bepaald in de Wet Verevening Pensioenrechten bij scheiding. Hiervan kan bij huwelijkse voorwaarden of in het echtscheidingsconvenant worden afgeweken. In de Wet Verevening pensioenrechten bij scheiding is een aantal methoden van pensioenverevening genoemd. Eén ervan is de standaardverevening: het ouderdomspensioen dat tijdens het huwelijk is opgebouwd wordt 50%-50% verdeeld. Het pensioenfonds zal de aan u toekomende helft van het ouderdomspensioen van uw ex-echtgenoot rechtstreeks aan u overmaken op het moment dat hij/zij pensioengerechtigd is. U moet dan wel het pensioenfonds binnen twee jaar na de echtscheiding informeren over de scheiding. Doet u dat niet, dan betaalt het pensioenfonds niet rechtstreeks aan u uit. U moet dan aankloppen bij uw ex-echtgenoot. Desnoods via de rechter. Overlijdt ingeval van de standaardverevening de vereveningsgerechtigde vóór de pensioengerechtigde, dan ontvangt de pensioengerechtigde zijn/haar volledige pensioen. Als de  pensioengerechtigde vóór de vereveningsgerechtigde overlijdt, dan vervalt het ouderdomspensioen en ontvangt de achterblijver partnerpensioen. Conversie houdt in dat zowel het ouderdoms- als het partnerpensioen wordt verdeeld. De andere echtgenoot krijgt een eigen zelfstandig pensioen. Overlijdt de vereveningsgerechtigde dan is de pensioengerechtigde de helft van zijn pensioen kwijt. De pensioengerechtigde houdt bij conversie een hoger ouderdomspensioen over. Het pensioen kan voor de vereveningsgerechtigde ingaan op het moment dat zij/hij zelf de pensioengerechtigde leeftijd bereikt. Er hoeft niet te worden gewacht totdat de andere echtgenoot pensioengerechtigd wordt. Voor echtscheidingen van vóór 1 mei 1995 geldt de regel van het Boon/van Loon-arrest van de Hoge Raad van 27 november 1981: ouderdoms- en partnerpensioen, dat vóór en tijdens het huwelijk is opgebouwd, valt in de huwelijksgemeenschap. Dit moest bij de echtscheiding verdeeld worden. Is dat niet gebeurd, dan kan het alsnog. Ieder van de echtgenoten kan hiervan verdeling vragen. Deze vordering verjaart niet. De in echtscheiding gespecialiseerde advocaten van ons kantoor staan u graag deskundig bij, ook ten aanzien van pensioenverevening en -verdeling. Van der Putt Advocaten Mr. M.J.L. van den Aker-Groffen(vandenaker@putt.nl of 0478-556672).

Kinderalimentatie te ingewikkeld?

12 oktober 2011

Ongetwijfeld zijn de berichten in het nieuws u niet ontgaan: de huidige kinderalimentatieberekening is volgens de PvdA en VVD  té ingewikkeld en achterhaald. Daarom is eind september een wetsvoorstel ingediend waardoor het berekenen van  kinderalimentatie in de toekomst eenvoudiger en transparanter moet worden. Indien u vandaag de dag wilt scheiden en u heeft  minderjarige kinderen, dan bent u verplicht om een ouderschapsplan op te stellen. Uit dit plan moet blijken hoe ouders de  zorgen opvoedingstaken verdelen (omgangsregeling), op welke wijze ouders elkaar informeren over de kinderen én welk bedrag aan kinderalimentatie betaald wordt. Aangezien een echtscheidingsverzoekschrift alleen door een advocaat bij de rechtbank  ingediend kan worden, ligt het voor de hand om direct de hulp in te schakelen van een in het familierecht gespecialiseerde  advocaat (te herkennen aan het vFAS lidmaatschap). Een vFAS-advocaat kan bovendien als een in het personen- en familierecht gespecialiseerde mediator beide ouders bijstaan, ook als partijen het (nog) niet met elkaar eens zijn. Als het ouders onverhoopt niet lukt om afspraken te maken over de kinderalimentatie, kunnen partijen de rechter verzoeken een bedrag vast te stellen. Dit gebeurt aan de hand van het rapport Alimentatienormen (ookwel Tremarapport genoemd). Eerst wordt voor ieder kind de behoefte aan een financiële bijdrage vastgesteld. Vervolgens wordt van iedere ouder de draagkracht (het daadwerkelijke inkomen minus diverse concrete uitgaven) nauwkeurig berekend, waarna de kinderalimentatie vastgesteld wordt. In het wetsvoorstel van de PvdA en VVD wordt voorgesteld om zoveel mogelijk met vaste bedragen te gaan rekenen zonder te kijken naar de daadwerkelijke uitgaven (zoals woonlasten en zorgverzekeringspremie). Dit betekent ook dat als de kinderalimentatie eenmaal is vastgesteld, deze alleen nog gewijzigd kan worden als er sprake is van een grote financiële wijziging. Maar dat is niet de enige wijziging die voorgesteld wordt. Op dit moment is kinderalimentatie altijd verschuldigd voor kinderen tot 18 jaar. Voor kinderen tussen de 18 en 21 jaar (ookwel jongmeerderjarigen genoemd), is alimentatie verschuldigd als een kind hier daadwerkelijk behoefte aan heeft. In het wetsvoorstel wordt deze grens verlengd tot 23 jaar (mits er recht is op  studiefinanciering). Ouders kunnen uiteraard altijd vrijwillig een langere periode afspreken. Voorts is het de bedoeling om  ongeacht het inkomen van ouders en het aantal kinderen, de minimale kinderalimentatie vast te stellen op € 50,= per kind per maand. Op grond van de huidige regeling hoeft een ouder zonder draagkracht géén alimentatie te betalen. Dit betekent dat de ouder waar het kind woont feitelijk alle kosten alleen draagt. Het is ten slotte de bedoeling dat ouders zelf via een programma op internet de kinderalimentatie gaan berekenen. De PvdA en VVD denken dat door deze eigen berekening ouders het alimentatiebedrag meer gaan accepteren. Op het huidige wetsvoorstel is in korte tijd al de nodige kritiek geuit, ook door de staatssecretaris van Veiligheid en Justitie Fred Teeven (VVD). Het ligt dan ook in de lijn der verwachting dat het voorstel eerst op de nodige punten aangepast moet worden, alvorens het een wet zal worden. Indien u naar aanleiding van het bovenstaande nog vragen en/of opmerkingen heeft of een afspraak wilt maken voor een  (mediation)gesprek, kunt u mij mailen (verrijdt@putt.nl) of bellen (0478-55 66 73). Mr. Kristel Verrijdt, vFAS-lid

De rol van niet financiële omstandigheden bij bepaling van alimentatie

22 augustus 2011

In het Burgerlijk Wetboek is bepaald dat de rechter de verplichting van bloed- en aanverwanten tot levensonderhoud kan matigen op grond van zodanige gedragingen van de onderhoudsgerechtigde, dat verstrekking van levensonderhoud naar redelijkheid niet of niet ten volle kan worden gevergd. Deze bepaling is niet van toepassing op de onderhoudsplicht van (ex)echtgenoten. Toch kan het gedrag van de onderhoudsgerechtigde ex-echtgenoot bij de vaststelling van alimentatie wel een rol spelen. Op grond van een ander artikel uit het Burgerlijk Wetboek kan geen of minder alimentatie worden toegekend in verband met omstandigheden van niet-financiële aard. Dit kan bijvoorbeeld als sprake is van wangedrag van de alimentatiegerechtigde. Onder “wangedrag” wordt verstaan gedrag dat afkeuring verdient en waarvan de alimentatiegerechtigde een verwijt kan worden gemaakt. Uit vaste rechtspraak volgt dat niet lichtvaardig mag worden aangenomen dat er van een zodanige grievende handeling sprake is. Volgens de rechtbank te Groningen was er sprake van wangedrag in het volgende geval. Na een kortstondig huwelijk waaruit een kind is geboren, blijkt dat de man niet de biologische vader is van het kind, maar dat de achterbuurman de vader is. De vrouw heeft de man altijd in de waan gelaten dat hij de biologische vader was en hem om die reden zover gekregen dat hij met haar trouwde. De vrouw heeft erkend dat zij voor het huwelijk tijdens de relatie van partijen gemeenschap heeft gehad met de achterbuurman. De rechtbank vond de gedragingen van de vrouw dermate grievend dat niet van de man kan worden verwacht dat hij partneralimentatie aan haar betaalt. Ook het Hof in Arnhem wees een verzoek tot partneralimentatie af van een vrouw die stelselmatig leugens aan de man en derden vertelde. Zij had verscheidene keren in haar omgeving beweerd dat de man terminaal ziek was. Ook beweerde zij dat de kinderen ziek waren en in het ziekenhuis hadden gelegen ten gevolge van mishandeling door de man. Zij beschuldigde de man van sexueel misbruik. Voor geen van de beweringen en beschuldigingen van de vrouw waren er aanwijzingen. De hiervoor genoemde regeling is niet van toepassing op kinderalimentatie, maar geldt wel bij alimentatie voor jongmeerderjarige kinderen. Volgens het Burgerlijk Wetboek zijn ouders verplicht te voorzien in de kosten van levensonderhoud en studie van hun meerderjarige kinderen van 18 tot 21 jaar. Ook in dit geval geldt weer dat alleen in uitzonderlijke gevallen de bijdrage voor de jongmeerderjarige kan worden gematigd. De rechter heeft een grote mate van beoordelingsvrijheid. Gedragingen van meerderjarigen die een rol kunnen spelen zijn  bijvoorbeeld studiekeuze en studieresultaten, maar ook ander gedrag kan een rol spelen. De rechtbank in Assen heeft begin dit jaar geoordeeld dat een vader geen bijdrage hoefde te betalen aan zijn dochter, met wie hij geen enkel contact had en die meer dan eens doodverwensingen aan het adres van haar vader had geuit. Een vader die vond dat het aan zijn zoon zelf te wijten was dat hij geen inkomen had, onder andere vanwege een eerdere detentie, die volgens vader aanleiding was voor afwijzing dan wel matiging van zijn bijdrage kreeg van de rechter ongelijk. Voor vragen en/of opmerkingen kunt u mij mailen (vandenaker@putt.nl) of bellen (0478-556672).Mr. M.J.L. (Marion) van den Aker-Groffen

Uw scheiding van begin tot eind in deskundige handen

16 mei 2011

Mediation is een manier van conflictoplossing onder leiding van een onafhankelijke, onpartijdige en deskundige mediator. De  mediator begeleidt de gesprekken en helpt u bij het vinden van oplossingen. Vooral in situaties waarin partijen nog langere tijd   met elkaar te maken zullen hebben, bijvoorbeeld ouders na een scheiding, biedt mediation voordelen. Tijdens de mediation kan er vrijuit gesproken kan worden, want alles is vertrouwelijk. Mediation werkt alleen als beide partijen er achter staan. Men is pas gebonden als er getekend is. Zo kunt u zonder risico onderhandelen. Er zijn scheidingsmediators die geen juridische informatie geven en voor de afwikkeling van de echtscheiding moeten doorverwijzen naar een advocaat. Een echtscheiding kan immers niet zonder de tussenkomst van een advocaat tot stand worden gebracht. Een gespecialiseerde vFAS-advocaat-scheidingsmediator daarentegen begeleidt het gehele scheidingsproces van het begin tot het einde ( www.verenigingfas.nl en www.verder-online.nl) en heeft naast aandacht voor de juridische en financiële aspecten ook aandacht voor de emotionele aspecten van de scheiding. Mijn kantoorgenote mr. Kristel Verrijdt en ik zijn gespecialiseerd in het echtscheidingsrecht en hebben de vFASopleiding tot mediator afgerond. Tevens ben ik gecertificeerd NMI-mediator. Het is de taak van de vFAS-mediator ervoor te zorgen dat beide partijen alle benodigde – neutrale – juridische informatie krijgen, zodat weloverwogen beslissingen kunnen worden genomen. Daar hoort ook de financiële informatie bij. Van elk gesprek wordt een – vertrouwelijk - verslag gemaakt. Als er kinderen zijn, dan worden de afspraken over hen vastgelegd in het – verplichte -ouderschapsplan. In verband met de kinderalimentatie worden u de berekeningen aangereikt en wordt u geïnformeerd over de (juridische) criteria. Verder wordt u begeleid en geïnformeerd over de wijze waarop u de kinderen kunt betrekken bij de afspraken die u als ouders over hen maakt. De kinderen kunnen ook zelf met de vFAS-mediator komen praten. Zij is getraind in het voeren van gesprekken met kinderen. Ingeval van een huwelijk of geregistreerd partnerschap wordt vervolgens - schriftelijk - de juridische kant van de scheiding geregeld. Daarna volgt nog het afrondende werk, bijvoorbeeld het opsturen van de pensioenformulieren. De kosten van de mediation worden tussen partijen verdeeld, tenzij er andere afspraken worden gemaakt. Er zijn steeds meer  rechtsbijstandverzekeraars die de kosten van scheidingsmediation grotendeels dekken. Zij stellen wel de voorwaarde dat de scheidingsmediation wordt verricht door een gespecialiseerde vFAS-scheidingsmediator. Het kan ook op basis van gesubsidieerde rechtsbijstand. Indien u meer wilt weten over scheidingsmediation of een afspraak wilt maken, dan kunt u mij mailen (vandenaker@putt.nl ) of bellen 0478-556672.Mr. M.J.L. (Marion) van den Aker-Groffen


LAATSTE TWEETS