Nieuws

Een ongeval in het buitenland

29 augustus 2017

Voor de meeste mensen zit de vakantie er jammer genoeg weer op. Veel Nederlanders gaan met de auto op vakantie. Niet iedereen staat er dan echter bij stil dat er ook in het buitenland ongelukken gebeuren. Over het algemeen wordt er wel wat geregeld voor autopech. Als er al geen pechhulp door de dealer is geregeld, wordt men lid van, bijvoorbeeld, de ANWB. Komt u met een kokende motor stil te staan langs de Route du Soleil, dan krijgt u hulp en ondersteuning. Goed geregeld. Maar wat nu als niet de motor het wegens oververhitting begeeft, maar u wordt aangereden? Of u veroorzaakt zelf een ongeval waarbij u ook zelf letsel oploopt? Heeft u het dan ook goed geregeld? Bij een ongeval in het buitenland is vaak niet het Nederlandse recht van toepassing. Heeft u enig idee of de vergoedingen voor letselschade in, bijvoorbeeld, het Franse recht vergelijkbaar zijn met de Nederlandse vergoedingen? Of het Tsjechische recht? Montenegro? Als u aangereden wordt en er is buitenlands recht van toepassing, dan zal uw schade geregeld moeten worden overeenkomstig de regels van dat land, of dat nu voordelig of nadelig voor u is. Bent u zelf aansprakelijk, dan dekt de aansprakelijkheidsverzekering die u voor uw auto heeft afgesloten de door u veroorzaakte schade. Als u bij dat ongeval zelf letsel oploopt, blijft u met uw eigen letselschade zitten. Is daar niet wat aan te doen? Jazeker, u kunt een Schade Verzekering Inzittende (SVI) verzekering afsluiten. Die verzekering dekt letselschade, ook als u zelf aansprakelijk bent, volgens het Nederlandse recht. U hebt dan altijd een verzekeraar die uw schade, binnen zekere in de polis en de polisvoorwaarden bepaalde grenzen, dekt volgens de regels van het Nederlandse recht. Het voordeel is, dat de meeste polissen het ook mogelijk maken u bij de afwikkeling van uw schade te laten bijstaan door een ter zake deskundige letselschadeadvocaat. Die kosten worden ook vergoed. Misschien goed om eens over na te denken voor de volgende vakantie?

Ongeval op waterglijbaan; ben voorzichtig!

14 juli 2017

De vakantie komt er al weer aan! U zult ongetwijfeld al uitkijken naar een onbezorgde tijd. Veel mensen vieren de zomer op een camping of een groot vakantiepark. Helaas verloopt dat niet altijd zoals gehoopt. Dat blijkt maar weer eens uit een rechtszaak tegen een mede vakantiegast. Waterglijbaan Twee bevriende vakantievierders betreden de waterglijbaan van een zwembad. Mevrouw X glijdt door de waterglijbaan naar beneden op het moment dat het licht op groen staat. Mevrouw Y (115 kg) glijdt bijna meteen achter mevrouw X door de glijbaan. Mevrouw Y wacht niet tot het licht op groen staat. Direct nadat mevrouw X in het water landt wordt zij in haar rug geraakt door mevrouw Y. Mevrouw X komt daardoor met haar hoofd op de bodem van het zwembad terecht. Mevrouw X loopt letsel op en stelt mevrouw Y en haar aansprakelijkheidsverzekering daarvoor aansprakelijk. Instructie Op het moment van het ongeval is mevrouw Y bekend met de situatie ter plaatse. Dat wil zeggen dat zij  moet wachten met glijden tot het licht op groen staat. Zij is op de dag van het ongeval en de dagen daarvoor immers al meermalen van de waterglijbaan naar beneden gegleden. Uitspraak Moest mevrouw Y rekening houden met een ongeval door het negeren van een rood licht in deze situatie? Volgens de rechter had mevrouw Y zich – zeker gelet op haar gewicht – moeten realiseren dat het negeren van een rood licht in deze situatie bijzonder gevaarzettend is. Mevrouw X hoefde niet te verwachten dat mevrouw Y het rode licht negeert. De rechter oordeelt dan ook dat mevrouw Y onrechtmatig tegen mevrouw X heeft gehandeld. Gratis advies Let tijdens uw vakantie dus goed op de instructies die worden gegeven bij het zwembad en de glijbaan. Op deze wijze voorkomt u letsel dat misschien niet wordt vergoed. Heeft u toch letsel opgelopen tijdens uw vakantie en wilt u graag advies over de mogelijkheden? Neem dan contact op met ons kantoor voor een vrijblijvend en kosteloos eerste adviesgesprek!    

Smartengeld in Nederland

27 juni 2017

Wanneer u betrokken bent geraakt bij een ongeval waarvoor een ander aansprakelijk is, heeft u in veel gevallen recht op een schadevergoeding. Deze vergoeding bestaat uit een vergoeding voor materiële- èn immateriële schade. Bij materiële schade moet u denken aan verlies aan arbeidsvermogen, medische kosten of kosten voor hulp in de huishouding. U heeft echter ook recht op een vergoeding van uw immateriële schade. Dit wordt ook wel de smartengeldvergoeding genoemd. U zou de smartengeldvergoeding kunnen zien als een compensatie voor door u geleden pijn en gederfde levensvreugde. Dat klinkt een beetje ouderwets, maar het dekt wel de lading. De hoogte van de smartengeldvergoeding hangt af van de ernst van het letsel en de impact van het letsel op iemands leven. Een hoge smartengeldvergoeding betekent dus meestal dat het slachtoffer aanzienlijk letsel heeft opgelopen. Veel mensen hebben (te) hoge verwachtingen van de smartengeldvergoeding. Deze verwachtingen worden meestal  gevoed door de letselschade praktijk in Amerika. Iedereen heeft namelijk wel eens gehoord van de enorme schadeclaims tegen, bijvoorbeeld, de McDonalds.  In Nederland bestaan er echter geen “Amerikaanse toestanden”. Hier is het smartengeld slechts een pleister op de wonde. Nederland blijft met de hoogte van de uitgekeerde smartengeldbedragen zelfs achter bij de vaak (wat) ruimhartigere vergoedingen in de ons omringende landen. Het tij lijkt echter te keren! Het UMC Utrecht heeft eerder ruim € 338.000,00 aan smartengeldvergoeding uitgekeerd aan een slachtoffer van een medische fout. Daarnaast werd door de rechtbank Gelderland in een baanbrekende uitspraak een smartengeldvergoeding van  € 200.000,00 aan een slachtoffer toegewezen. Dit is bijna €50.000,00 meer dan de hoogste (door een rechtbank toegewezen) smartengeldvergoeding in Nederland tot dan toe. Laten we hopen dat met deze uitkering en deze uitspraak de Nederlandse smartengeldvergoedingen wat meer in de pas gaan lopen met die in de ons omringende landen. Mocht u vragen hebben over letselschade of over een smartengeldvergoeding, neemt u dan kosteloos en geheel vrijblijvend contact op met een van onze letselschadeadvocaten. Uiteraard kunt u ook gebruik maken van onze gratis inloop spreekuren, op maandag van 12.00 tot 14.00 en op donderdag van 17.00 tot 18.00.

Rechtsbijstandsverzekering en letselschade

16 mei 2017

Veel mensen hebben een rechtsbijstandsverzekering. Voor een paar honderd euro per jaar kan men bij een juridisch geschil de hulp inroepen van zo’n verzekeraar. Toch kleven er ook nadelen aan dit product. Zo weten mensen vaak niet dat veel verzekeraars bepaalde rechtsgebieden uitsluiten van dekking. Laat dat nu net de rechtsgebieden zijn waar relatief veel mensen mee te maken krijgen, zoals echtscheidingsrecht en alimentatie zaken. In letselschadezaken heeft een rechtsbijstandsverzekering meestal weinig toegevoegde waarde. Als de tegenpartij aansprakelijk is, moeten de kosten van een letselschadeadvocaat betaald worden door de tegenpartij. Pas als de aansprakelijkheid niet duidelijk is, kan er een situatie ontstaan waarin niet direct duidelijk is of de kosten door de tegenpartij moeten worden betaald. Vaak moet er dan geprocedeerd worden. Dan kan het nuttig zijn om een rechtsbijstandsverzekering achter de hand te hebben. De kosten van uw letselschadeadvocaat komen dan voor rekening van uw rechtsbijstandsverzekeraar, ook als u geen gelijk krijgt, mits er een redelijke kans op succes is. Rechtsbijstandsverzekeraars proberen hun verzekerden er dan vaak  van te overtuigen dat het verstandig is in zee te gaan met een advocaat die bij de verzekeraar in loondienst is of met een zogenaamd “netwerk kantoor”, advocatenkantoren waarmee de rechtsbijstandsverzekeraar tarief afspraken heeft. U weet dan niet of u wel te maken heeft met een echte, gespecialiseerde, letselschadeadvocaat. Gelukkig is door het Europese Hof van Justitie bepaald dat u een volledig vrije advocaatkeuze heeft. Uw verzekeraar kan u dan ook niet dwingen in zee te gaan met een bepaalde advocaat. Ook als uw verzekeraar u laat weten dat ze u niet verder kunnen helpen met uw letselschadezaak, hoeft u daarin niet te berusten. In alle polisvoorwaarden is een zogenaamde “geschillenregeling” opgenomen. Bent u het niet eens met het standpunt van uw rechtsbijstandsverzekeraar, dan kunt u dit standpunt laten toetsen door een onafhankelijke en gespecialiseerde advocaat. De kosten daarvan komen voor rekening van uw verzekeraar. Heeft u letselschade en komt u er met de tegenpartij of rechtsbijstandsverzekeraar niet uit? Neem dan contact op voor een kosteloos en vrijblijvend advies!

Hoe om te gaan met hypothecaire schuld na einde relatie.

28 april 2017

Meestal zijn ongehuwd samenwonenden gezamenlijk eigenaar van het huis waarin zij samenwonen. Soms is één van de twee eigenaar van het huis en heeft die ook de hypotheek op de woning afgesloten. Maar soms behoort de woning in eigendom toe aan één partij en hebben de partners tijdens de relatie samen een hypotheek op de woning van de één afgesloten. Voor deze hypotheek zijn beide partijen dan hoofdelijk aansprakelijk, dat wil zeggen de bank kan hen ieder voor het geheel aanspreken. In een recente uitspraak van de rechtbank Overijssel was er sprake van een dergelijke situatie. Toen partijen hun relatie beëindigden, was de vrouw, die de eigenaar was van de woning,  inmiddels arbeidsongeschikt.  Na het einde van de relatie betaalde de vrouw jarenlang netjes de hypotheekrente, maar zij kon vanwege haar lagere inkomen niet de hypotheek aflossen. De bank was niet bereid om de man uit zijn hoofdelijke aansprakelijkheid te ontslaan. Dat betekende dat de man dus al die tijd financieel gebonden was en risico liep dat hij zou worden aangesproken voor het bedrag van de lening en mogelijk ook voor de hypotheekrente als de vrouw onverhoopt niet meer aan haar verplichtingen kon voldoen.  De man vorderde bij de rechtbank dat de vrouw diende mee te werken aan de verkoop van haar woning. De vrouw was het daar niet mee eens. De rechtbank oordeelde dat de situatie uitzichtloos was. De man zou nog jaren hoofdelijk aansprakelijk blijven voor de hypotheek op de woning van de vrouw, waarvan hij geen mede-eigenaar was en waarvan hij geen gebruiksgenot had. Dat vond de rechtbank niet redelijk noch billijk en onaanvaardbaar voor de man. De rechtbank bepaalde dat het huis moest worden verkocht.       Hebt u vragen naar aanleiding van het bovenstaande of andere vragen. Neemt u dan contact op.

Ontslag in overleg: doe de check!

29 maart 2017

Een dienstverband kan op allerlei manieren eindigen: bij de rechter, via het UWV of met een "vaststellingsovereenkomst". Die derde optie geeft veel vrijheid, maar vraagt dus ook serieuze aandacht. Wat zou in elk geval duidelijk op papier moeten staan?   Uitleggen   Vaak is er nog geen zicht op een nieuwe baan. In de tussentijd kan dan een WW-uitkering nodig zijn. Het UWV weigert die als de werknemer "verwijtbaar werkloos" is. Daarom moet het contract een paar dingen sowieso vermelden: de werkgever nam het initiatief, zijn reden was neutraal en het is geen ontslag op staande voet. Een standaardriedel natuurlijk, maar wel belangrijk.   Uitwerken   Zolang werknemers nog salaris (moeten kunnen) krijgen, betaalt het UWV nog geen WW-uitkering. Daarom moet het contract een "fictieve opzegtermijn" bevatten. Al die maanden loopt het dienstverband dus eigenlijk nog door. Dikwijls volgt wel meteen vrijstelling van werk. In die situatie is het vrij normaal om alle vakantiedagen op te nemen.   Uitbetalen   Als het dienstverband vervolgens ook op papier afloopt, komt daar een eindafrekening achteraan. Dat is een combinatie van aanspraken als salaris, vakantiegeld en (mogelijk) een ontslagvergoeding. Afhankelijk van de aanleiding voor het vertrek, kan dat bedrag onder, op of boven de transitievergoeding liggen.   Uitbreiden   Veel rechten en plichten vervallen automatisch op de laatste dag. Een concurrentiebeding begint dan juist pas. In de onderhandelingen moet aan bod komen of dat verbod inderdaad blijft gelden. Ook andere regelingen kunnen hierbij langskomen: denk aan het pensioen, een leaseauto of de studiekosten. Omdat dit in samenspraak gaat, is van alles te verzinnen.   Uitsluiten   Het is de bedoeling om alles definitief te maken. Daarom staat er meestal een "finale kwijting" in. Dat kan best een prima deal zijn, als maar duidelijk is dat claims daarna bijna altijd zullen mislukken. Werknemers mogen alles trouwens nog - zonder opgaaf van reden - binnen twee (of drie) weken terugdraaien.   Ook een ontslag met wederzijds goedvinden kan heel ingrijpend zijn - voor werkgever én werknemer. Een zorgvuldige formulering of controle geeft dan veel rust. Bel of mail gerust om dat eens samen te bekijken!


LAATSTE TWEETS